Klik hier als je deze mail niet goed kan lezen.
 
inhoud

Drie nieuwe Claves Scabinorum beschikbaar!  
     
  Onlangs werden de drie nieuwe nummers in de publicatiereeks van Itinera Nova Claves Scabinorum voorgesteld aan de vrijwilligers en sympathisanten.

Prof. Jelle Haemers schreef 'Een rebelse stad aan de Dijle' (Clavis 4) over de woelige tweede helft van de 14de eeuw in Leuven. Dr. Rob Belemans bestudeerde de verrassend ruime betekenis het woord 'juweel' in de 15de-eeuwse schepenbankregisters in 'Van juweelen oft cleynnoeten' (Clavis 5). Stadsarchivaris Marika Ceunen tenslotte dompelde zich onder in de fascinerende wereld van de 15de-eeuwse pachtcontracten, met als resultaat 'De pachtcontracten in de Leuvense schepenbankregisters' (Clavis 6).

Alle Claves zijn voor slechts 5 euro te koop in de leeszaal van het stadsarchief. Wij wensen u alvast veel leesgenot!
 
  terug naar inhoud
 
 
Oproep: Wie helpt onze registers scanklaar maken?  
     
  Wil je meewerken aan de digitalisering van de schepenbankregisters, maar ben je minder technisch aangelegd of zie je het niet zitten om oud schrift te leren lezen? Dan is deze taak misschien iets voor jou!

Je controleert de fysieke toestand van de schepenbankregisters en signaleert zwaar beschadigde exemplaren. Je voert zelf kleine restauraties van scheurtjes uit. Daarnaast registreer je de dikte van elk register en controleert het op eventuele fouten in de foliëring (de bladen werden in de jaren 1960 genummerd, maar hierbij werden geregeld fouten gemaakt).

Wij bieden je een aangename werkplek in het stadsarchief en introduceren je in de actieve vrijwilligerscommunity van Itinera Nova. Uiteraard tonen we je net als aan de andere vrijwilligers geregeld onze appreciatie door je uit te nodigen voor de meet-INs, vrijwilligersetentjes en vrijwilligersuitstappen.

Iets voor jou? Stuur dan een mailtje naar inge.moris@leuven.be of bel naar (016) 300 871.
 
  terug naar inhoud
 
 
Ruim 26.000 akten online getranscribeerd  
     
  Dankzij de enorme bijdrage van de vele vrijwilligers gedurende de afgelopen jaren, mogen we trots zijn op de 26.000 getranscribeerde akten uit de Leuvense schepenbank die voor iedereen vrij online raadpleegbaar zijn. Van in het begin legde het project de nadruk op de 15de-eeuwse, Dietse akten en dat zal ook nog een tijdje zo blijven. We hebben immers nog een voorraadje onontgonnen akten uit deze periode.  
  terug naar inhoud
 
 
Vrijwilligerslunch nr. 5: een speciale dankjewel  
     
  Na een vijfde editie mag je toch al van een mooie traditie spreken én dat verdient ook een extraatje... Voor onze vijfde jaarlijkse vrijwilligerslunch trokken we deze keer naar brasserie De Gempemolen. Zowel vrijwilligers, schepen Denise Vandevoort als personeel van het stadsarchief mochten deze keer, piekfijn uitgedost, hun voetjes onder tafel schuiven voor een heerlijke maaltijd. Zoals steeds was dit bedankingsmoment een gezellig samenzijn en kon iedereen nog eens bijkletsen, al dan niet over het (vrijwilligers)werk.

De keuze voor de Gempemolen was trouwens niet toevallig... deze watermolen, die af en toe nog steeds in werking wordt gezet, komt regelmatig voor in de akten van de Leuvense schepenbank... Voor een korte geschiedenis: zie het volgende item: 'Begrip in de kijker'...
 
  terug naar inhoud
 
 
Begrip in de kijker: de Gempemolen  
     
  De Gempemolen, gelegen in het gelijknamige gehucht van Sint-Joris-Winge heeft een geschiedenis die erg ver teruggaat en komt ook zeer frequent voor in de 15de-eeuwse schepenbankregisters.  

Deze watermolen op de Molenbeek werd gebouwd in opdracht van de Brabantse hertog Hendrik I (1190-1235). Ze lag aan de vijvers van Gempe, die eveneens hertogelijk bezit waren en in de 13de eeuw zo’n 16 ha besloegen. In 1229 schonk Hendrik I de molen aan het klooster van Pellenberg, waaraan hij ook gronden in de buurt beschikbaar had gesteld om er een nieuw klooster te bouwen. De vijvers waren ook belangrijk voor de werking van de molen. Daarom vroegen en kregen de kloosterlingen de grote en de kleine Gempevijver in 1360 in erfpacht van de hertogen Johanna en Wenceslas. De molen bleef gedurende het ancien régime in bedrijf en werd verbouwd en uitgebreid.

Na de Franse revolutie werd de molen samen met de grote en kleine vijver van Gempe als nationaal goed verkocht aan Hendrik de Liem uit Lubbeek. De molen bleef verder in bedrijf tot aan de Tweede Wereldoorlog. Bij Koninklijk Besluit van 12 april 1944 werd de molen ook beschermd.

Na jarenlange stilstand werd zij in de jaren 1990 aangekocht door de brouwerij van Haacht en opnieuw maalvaardig hersteld. Sinds 2007 baat Hans Meus (met een korte onderbreking in 2014) de Gempemolen uit als een drukbezochte brasserie (www.gempemolen.be). Wie de molen wil zien werken, kan er elke eerste zondag van de maand terecht voor een demonstratie.  

Met dank aan Hans Meus voor het bezorgen van de foto.
 
  terug naar inhoud
 
 
Akte in de kijker  
     
  Om de uitzonderlijke waarde van de Leuvense schepenbankregisters te illustreren, selecteren we bij elke nieuwsbrief een akte die we in de kijker willen plaatsen.

Deze keer kozen we voor een akte van 21 augustus 1455, getranscribeerd door Wilfried Geyskens en (her)ontdekt door Ine Craenen die vorig jaar haar masterscriptie schreef over wezen in het 15de-eeuwse Leuven op basis van de resultaten van Itinera Nova.

In deze akte gaat het om twee (wees)kinderen uit hetzelfde gezin, wiens namen of ouders we niet kennen. Van de twee kinderen was er eentje een kintsch kint. Drie mensen nemen de zorg voor beide kinderen op zich, namelijk Jan Van Raveschote en zijn vrouw Katlijn en Lijsbeth Vander Sluysen. De relatie tussen de wezen, Jan, Katlijn en Lijsbeth is niet duidelijk.

De echtgenoten Jan en Katlijn bekommeren zich om het kintsche kint en beloven om dit nog ongeveer drie maand lang te doen. Tegelijkertijd wordt wel van Lijsbeth verwacht dat zij terstond het andere kind zolang onder haar hoede neemt. Wat deze akte zo opmerkelijk maakt, is dat de partien voirt aen vanden kijnderen veranderen ende wisselen zelen, te weten dat deen partie alsnu deen houden sal een jaer langh, ende dander partie dander jaer daerna te gelike. De kinderen moeten dus jaarlijks van opvanggezin wisselen.

Waarom deze twee partijen besloten om een mentaal beperkte wees bij te houden (wat toch wel wat 'last' met zich mee gebracht zal hebben), valt moeilijk te achterhalen aangezien hun relatie met de wezen niet duidelijk is. De kans is groot dat deze keuze gebaseerd was op de gebruikelijke solidariteit die binnen de kring van familieleden en vrienden heerste. De opvallende wisseling van opvanggezin wilde de druk op beide opvanggezinnen allicht enigszins spreiden.

Het staat vast dat dit een zeer unieke akte is: noch in de andere (momenteel getranscribeerde) schepenbankakten, noch in de bestaande literatuur is er ergens sprake van een regeling voor wezen waarbij ze op vast bepaalde tijdstippen wisselden van opvanggezin.

Voor de volledige transcriptie: klik hier.

Afbeelding: Het verzorgen van de kinderen van het Arme-Kinderhuis: drie Werken van Barmhartigheid, door Jan de Bray, 1663.
 
  terug naar inhoud
 
 

      Uitschrijven <<Email Address>> Stuur door naar een vriend
      Copyright © 2014 | Stadsarchief Leuven | All rights reserved.